For the English version, click here. Het kopen van een woning, dat klinkt voor veel studenten als Chinees. Het klinkt als een onmogelijke opgave, en meer dan 80% van de studenten vindt het heel slecht gaan met de woningmarkt. Is het nou echt zo slecht gesteld met de huizenmarkt, of zijn er toch mogelijkheden? In dit artikel zullen we de situatie op de huizenmarkt voor net afgestudeerden onder de loep nemen. Impact Duo Allereerst speelt de studieschuld een rol in de maandlasten. Dit heeft impact op de maximale hypotheek die je kan krijgen. Wanneer de studieschuld onder het huidige leenstelsel is opgebouwd, gaan hypotheekverstrekkers ervan uit van een wegingsfactor van 0,35%. Dit betekent dat ervan wordt uitgegaan dat 0,35% van de studieschuld maandelijks wordt afgelost. Concreet houdt dit in wanneer je 4 jaar lang €1000 per maand leent, en dus een totale studieschuld hebt opgebouwd van €48.000, dat je maandlasten voor de studieschuld €168 per maand bedraagt. Dit kan dan dus niet aan woonlasten worden besteedt, en zal worden afgetrokken van de maximale hypotheek die je kan krijgen. Als je onder het oude stelsel van voor 2015 valt en een basisbeurs ontving, dan wordt er gewerkt met een wegingsfactor van 0,65% omdat de studieschuld in 15 jaar moet worden terugbetaald in plaats van 40 jaar. Studenten die onder beide stelsels vallen kunnen kiezen welke aflostermijn ze nemen, en afhankelijk daarvan wordt de wegingsfactor bepaald. Tijdens de aanloopfase van het terugbetalen van de studieschuld wordt voor deze groep echter door hypotheekverstrekkers standaard uitgegaan van de 15 jarige aflostermijn, wat resulteert in een lagere maximale hypotheek. Duo geeft hiervoor wel aan dat er een verklaring kan worden overlegd waarin de keuze voor de aflostermijn in staat wordt bevestigd, wat dit probleem zou moeten verhelpen. De gemiddelde studieschuld ligt rond de €16.500 voor alle studenten. De schuld ligt voor mensen tussen de 25 en 30 jaar gemiddeld op €20.300. Inkomen Een andere essentiële factor voor het maximale hypotheekbedrag is het inkomen. Het gemiddelde startsalaris na het afronden van een WO-master ligt rond de €2.500-€3000 bruto per maand. Een jaar na het afronden van de Master Finance ligt het gemiddelde salaris op €3.166. voor de master Accountancy is het gemiddelde salaris één jaar na het afstuderen €2.770. Hypotheek Neem het scenario dat je de master Finance afrondt. Na een jaar verdien je het gemiddelde salaris en beschik je over een vast contract. Je hebt een studieschuld van €20.300 onder het nieuwe stelsel, en verder heb je geen andere openstaande schulden. Als alleenstaande vraag je een hypotheek aan. De maximale hypotheek die je kan krijgen ligt met deze gegevens rond de €150.000. Dit gaat om een annuïteitenhypotheek van 30 jaar met 4.02% rente met een rentevaste periode van 20 jaar. Je betaalt dan €535 per maand. De huidige huizenmarkt Is het mogelijk om een starterswoning te kopen als je maximaal €150.000 kunt lenen? Wanneer je in of rondom Tilburg een woning zou willen kopen, beginnen de goedkoopste koopwoningen met prijzen van rond de twee ton. Zonder een eigen bijdrage is het dus al onmogelijk om een woning te kopen in deze situatie. Er is dus minimaal €50.000 eigen bijdrage nodig exclusief de kosten koper. Ontwikkeling huizenmarkt Is er wellicht meer perspectief in de nabije toekomst? De Nederlandsche bank en ABN AMRO verwachten dat in 2023 de huizenprijzen dalen met 6%. Rabobank en ING verwachten een daling van gemiddeld 3%. Een verdere daling wordt ook in 2024 verwacht. De oorzaken hiervan zijn voornamelijk de hoge hypotheekrente en een lager besteedbaar inkomen als gevolg van de inflatie. Een stijging van de hypotheekrente heeft uiteraard ook invloed op de betaalbaarheid van koopwoningen. Een verdere stijging van hypotheekrente zal de huizenprijzen doen dalen, maar dit komt door een lagere betaalbaarheid vanuit de vraagzijde. Daarbij komend zijn er aanhoudende problemen in de bouw, waardoor de bouw van nieuwe woningen achter blijft lopen op de vraag. Er is geen spoedige verbetering op dit vlak zichtbaar. Op de korte termijn lijkt de huizenmarkt zich dus niet positiever te ontwikkelen, met name voor starters. Conclusie Het is dus een flink karwei voor de gemiddelde net afgestudeerde om een koopwoning te bemachtigen. Met alleen een hypotheek is dit vrijwel onmogelijk. Op de korte termijn gaat dit ook niet veel beter worden. Dat het merendeel van de studenten het slecht vindt gaan met de woningmarkt is dus terecht. Zonder opgebouwd vermogen, of vermogende ouders die bij willen springen lijkt het dus op een “mission impossible”.
Working at HLB Witlox Van den Boomen – door Floortje Schroeder
For the English version, click here. Gestart als Junior Assistent Accountant bij HLB Witlox Van den Boomen in 2016 en nooit meer weggegaan. Hoe ben ik bij HLB Witlox Van den Boomen terechtgekomen en wat is de reden dat ik na mijn stage altijd ben gebleven? Ik vertel jullie hier graag alles over in mijn verhaal ‘Working At HLB Witlox Van den Boomen’. Wie is Floortje Schroeder? Ik zal mezelf allereerst voorstellen aan jullie. Mijn naam is Floortje Schroeder en ik ben 25 jaar oud. Ik ben geboren in Tilburg maar woon inmiddels 13 jaar in ’s-Hertogenbosch. Ik weet nog heel goed dat ik tijdens de middelbare school een gastcollege had van een accountant. Dit trok mijn aandacht waardoor ik na de middelbare school ben gestart met de HBO opleiding Bedrijfseconomie/Accountancy aan de Avans Hogeschool in ’s-Hertogenbosch. Deze opleiding heb ik in 2018 afgerond. Ik ben geboren en opgegroeid in Tilburg en daardoor wilde ik graag studeren in de stad waar ik vandaan kom. Ik heb er toen voor gekozen om de pre-master Accountancy aan de Universiteit van Tilburg te volgen. Na het behalen van de pre-master ben ik gestart met de master Accountancy en ben ik per september 2020 gestart met de post-master Accountancy aan de Universiteit van Tilburg. Inmiddels zit ik in het derde en laatste jaar van de post-master Accountancy. Mijn weg naar HLB Witlox Van den Boomen Mijn weg naar HLB Witlox Van den Boomen is gestart in 2016. In dat jaar heb ik mezelf aangemeld voor de praktijkroute die destijds werd aangeboden op Avans Hogeschool. De praktijkroute is een route waarbij studenten de mogelijkheid krijgen om voor 1,5 jaar kennis te maken met de praktijk. Bij het deelnemen aan deze praktijkroute moeten studenten een keuze maken voor een accountantskantoor waarbij de keuze onder andere bestond uit een Big4 kantoor en HLB Witlox Van den Boomen. Mijn voorkeur ging uit naar HLB Witlox Van den Boomen en mijn keuze werd destijds onderbouwd doordat ik mezelf beter vond passen binnen een ‘kleinere’ organisatie waar de lijnen kort zijn, voldoende doorgroeimogelijkheden zijn, nauw (multidisciplinair) wordt samengewerkt, een informele sfeer heerst en een klantenpakket zeer divers is. De praktijkroute bracht mij in 2016 bij HLB Witlox Van den Boomen als Junior Assistent Accountant waarbij ik voor 1,5 jaar 4 dagen per week kennis kon maken met de praktijk. Door de praktijkroute te volgen bij HLB Witlox Van den Boomen heb ik als student de mogelijkheid gekregen om een beeld te krijgen bij hoe het in de praktijk in zijn werk gaat en welke werkzaamheden een assistent accountant uitvoert. Deze periode heeft naast het bijdragen aan het uitbreiden van mijn praktijkkennis ook bijgedragen aan mijn persoonlijke ontwikkeling en het gemakkelijker maken van mijn keuzes omtrent mijn vervolgstudie. Praktijk versus theorie Mijn HBO opleiding heb ik in 2018 afgerond en hierna ben ik direct gestart met de pre-master en master Accountancy aan de Universiteit van Tilburg. Tijdens deze periode ben ik teruggekomen als Werkstudent Audit bij HLB Witlox Van den Boomen. Door mijn positieve ervaringen tijdens de praktijkroute-stage wilde ik mijn praktijkkennis blijven uitbreiden en mezelf ook verder blijven ontwikkelen tijdens mijn studie aan de Universiteit van Tilburg. Als werkstudent ben je onderdeel van het team net zoals alle andere collega’s en voer je werkzaamheden uit die overeenkomen met de werkzaamheden van een assistent accountant. Deze werkzaamheden zien met name toe op het uitvoeren van controleopdrachten voor diverse klanten, waarbij we inzicht verkrijgen in de klant, processen en risico’s en op basis daarvan onze aanpak creëren voor de controle van de jaarrekening. Het enige verschil tussen een assistent accountant en werkstudent is dat je als werkstudent waarschijnlijk een minder aantal dagen werkt. Als werkstudent kun je zelf bepalen hoeveel dagen je wil werken naast je studie en kan je het aantal dagen in drukkere periodes verminderen en in rustigere periodes verhogen. Dit geeft de mogelijkheid om op een flexibele basis praktijkkennis op te doen, de kennis vanuit school te leren toepassen en persoonlijke ontwikkeling door te maken. Na het afronden van mijn master Accountancy ben ik als assistent accountant gestart bij HLB Witlox Van den Boomen. HLB Witlox Van den Boomen heeft mij zowel tijdens mijn HBO opleiding als mijn masteropleiding de kans gegeven om praktijkervaring op te doen en mezelf op persoonlijk vlak te ontwikkelen. Hierdoor was mijn keuze om als assistent accountant bij HLB Witlox Van den Boomen te starten snel gemaakt. Waarom ben ik na mijn stage nooit meer weggegaan? Natuurlijk heb ik er over nagedacht om ook bij een ander accountantskantoor een kijkje te nemen. Maardoor te werken bij HLB Witlox Van den Boomen heb ik steeds meer gevoel gekregen bij het motto: ‘Never change a winning team’. Ik zal jullie uitleggen waarom. Nu ik een aantal jaren werkzaam ben bij HLB Witlox Van den Boomen ben ik erachter gekomen dat mijn overwegingen ten tijde van de keuze voor een accountancyorganisatie voor de praktijkroute-stage overeenkomen met de praktijk. Ik was op zoek naar een kantoor waarbij de lijnen kort zijn, voldoende doorgroeimogelijkheden zijn, nauw (multidisciplinair) wordt samengewerkt, een informele sfeer heerst en een klantenpakket zeer divers is. Mijn klantenportefeuille is heel uiteenlopend en gaat van Retail bedrijven en productiebedrijven tot projectontwikkelaars. Deze diversiteit zorgt ervoor dat ik bij alle soorten bedrijven een kijkje in de keuken kan nemen. Dit houdt mijn werk divers en uitdagend. Daarnaast heb ik zelf ieder jaar invloed op mijn klantenpakket doordat ik mag aangeven welke klanten ik het leukst vind om voor te werken! Het voordeel van werken met onze klanten is dat je hierbij vaak aan tafel zit met de ondernemer zelf en daardoor de relevantie van je werk direct voelbaar is. Ik werk in Rosmalen en onze audit afdeling bestaat uit circa 30/35 collega’s. Dit zorgt dagelijks voor nauwe samenwerkingen en daarnaast zorgt dit voor voldoende ruimte om verantwoordelijkheden te nemen en te krijgen, en door te groeien en te ontwikkelen. Door de nauwe samenwerkingen is tevens veel aandacht voor begeleiding en training on the job. Iedereen heeft een
Verandering binnen de Europese cyberwetten: de naderende NIS-2 regeling en de onwetendheid van accountants
For the English version, click here. Uit een onderzoek door SDU, een softwarematig-innovatiepartner voor het bedrijfsleven, en Lupasafe, een organisatie van cyber deskundigen die zich richten op de financiële en verzekeringswereld en voorheen ethische hacks uitvoerden voor onder andere Achmea en Rabobank, blijkt dat maar liefst 90% van de accountants onbekend is met de naderende NIS-2-richtlijn en 84% zelfs onvoldoende kennis bezit over cybersecurity. Met de naderende verplichte toepassing voor deze nieuwe Europese richtlijnen per 2024 is dit echter zorgwekkend. Ondanks de zeer minimale kennis blijkt dat de invoering van NIS-2 toch van belang zijn. Waarom er voor een nieuwe variant van de huidige NIS-1 regeling wordt gekozen en wat deze NIS-2 regeling inhoudt zal in dit artikel aan bod komen. AED’s en DSP’s Voordat de NIS-2 regeling verder aan bod komt, en zoals de naam doet vermoeden, is momenteel de NIS-1 regeling sinds 2016 actief. Op het moment van invoering de eerste Europese wetgeving die specifiek gericht was om cybersecurity binnen heel Europa te verhogen. Opvallend genoeg was de NIS-1 regeling flexibel opgesteld zodat ieder land er een eigen interpretatie op kon toepassen en het daardoor vooral diende als een overkoepelende opzet om landen te motiveren hun cybersecurity regelgeving aan te scherpen of soms zelf op te richten. Hierbij staan de volgende drie categorieën centraal, beveiligingseisen, meldingsplicht en informatie-uitwisseling. Ook is er een splitsing gemaakt tussen AED (Aanbieders van Essentiële Diensten) en DSP (Digital Service Providers), waarbij in tot tegenstelling tot DSP, AED’s door de nationale wetgever kan worden aangewezen. AED’s omvatten bedrijven die diensten verlenen die cruciaal zijn voor kritieke maatschappelijke entiteiten en daarvan sterk afhankelijk zijn van digitale informatiesystemen zoals leveranciers van energie. DSP’s daarentegen zijn verleners van digitale diensten zoals marktplaats.nl of de online zoekmachine yahoo.nl. Om te kwalificeren als DSP zijn er echter vereisten namelijk minimaal 50 werknemers en een jaaromzet van 10 miljoen euro. In het geval van Nederland vindt de toepassing van de NIS-1 regeling plaats via de WBNI (Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen). Hierbij moeten de AED’s en DSP’s verschillende adequate beveiligingsmaatregelen toepassen en mocht er toch een incident zich voordoen zijn ze verplicht deze te melden aan het Computer Security Incident Response Team (CSIRT). Nieuwe Regelgeving Echter is er binnen het Europese Parlement noodzaak ontstaan om de huidige NIS-1 regel uit te breiden. Met als kern van de noodzaak het feit dat cybercriminaliteit enorm groeit in combinatie met de toenemende digitalisering waardoor ook kleinere ondernemingen een groter gevaar lopen op een mogelijke cyberaanval. Op basis van de World Economic Forum Global Risks Report 2020 zal cybercriminaliteit zelfs binnen 10 jaar groeien tot het één na grootste risico vormen voor bedrijven. Om de nieuwe uitdagingen aan te kunnen wordt de NIS-1 regeling op vijf verschillende aspecten gewijzigd. Ten eerste zullen aanzienlijk meer sectoren onder de NIS-2 regeling vallen die voorheen te klein werden geacht om gevaar te lopen. Zo worden middelgrote en grote bedrijven direct opgenomen in de NIS-2 regeling en is voor de individuele lidstaten een mogelijkheid om kleinere bedrijven met een hoog veiligheidsrisico ook te kwalificeren voor de NIS-2 regeling. Daarnaast wordt er een verplicht minimum aan basisbeveiliging onderdelen ingevoerd en worden de twee verschillende categorieën (AED’s en DSP’s) afgeschaft. In plaats daarvan zal er een kwalificatie lijst komen waarbij de individuele bedrijven worden gerangschikt op basis van hun belang, met als gevolg dat er verschillende regimes worden toegepast per niveau. Bovendien worden ook individuele bedrijven geacht om hun toeleveringsketens en leveranciersrelaties te herzien en eventuele security risico’s in kaart te brengen en aan te pakken. En ten slotte zal de NIS-2 regeling zich onderscheiden van NIS-1 doordat deze nationale autoriteiten in staat stelt om strengere toezichtmaatregelen in te stellen op bedrijven die hieronder vallen. Conclusie De huidige NIS-1 regeling wordt dus aanzienlijk verbreedt en versterkt. Zeker door het feit dat er voortaan aanzienlijk meer bedrijven onder de NIS-2 regeling vallen in vergelijking met de NIS-1 regeling zullen ook accountants hier significant meer mee te maken krijgen. En mocht men als bedrijf nu nog steeds niet in aanmerking komen voor de NIS-2 regeling, wordt de kans groot geacht dat in de nabije toekomst wel onder zal vallen in de vorm van een NIS-3 regeling. Met de toenemende digitalisering en bijbehorende cybercriminaliteit lijkt het een kwestie van tijd tot vrijwel ieder bedrijf wel te maken zal krijgen met een dergelijke regeling, en zal het belang voor onder andere accountants om zich in cyberbeveiliging te verdiepen enkel groeien in de toekomst.
Finance Expedition 2022: Een terugblik
For the English version, click here. Na 2 jaren waarin we de Finance Expedition online hebben moeten organiseren vanwege Covid-19 was het dit jaar eindelijk weer tijd. Op 7 november vertrokken we weer naar Amsterdam voor de Finance Expedition. Over een periode van 3 dagen bezoeken 24 studenten iedere dag 2 bedrijven binnen een bepaalde pilaar van de Finance. Dit evenement wordt georganiseerd door Asset | Accounting & Finance in samenwerking met Asset | Econometrics Klaar met alle goodie-bags, koffers en gezonde spanning stond de commissie te wachten aan de achterkant van het station. Langzamerhand kwamen de studenten aan en ruim op tijd vertrokken we, in de prachtige Willem II bus, naar Amsterdam! Eenmaal aangekomen bij de Holiday Inn op de Zuid-as was er, nadat iedereen rustig naar de kamer was gegaan, nog voor de liefhebbers de gelegenheid om een drankje te nuttigen in de bar om elkaar alvast wat beter te leren kennen. Helaas moesten we toch redelijk op tijd naar bed want de wake-up call stond gereed voor 7 uur. Dag 1 Op dinsdag 8 november bezochten we BDO en Oaklins, beide specialiseren zich in de Mergers and Acquisitions tak binnen de Corporate Finance. In de ochtend was als eerste BDO aan de beurt. Bij aankomst in het kantoor werden we welkom geheten door de medewerkers en werden we direct in de watten gelegd met koffie, thee en iets lekkers. Het programma begon met een korte introductie over BDO en de mogelijkheden die studenten hebben binnen BDO. Hierna kregen wij een case waarin wij als BDO-werknemers binnen het Due Diligence proces de EBITDA (Earnings Before Interest Taxes Depreciation Amortization) van een omvangrijk bedrijf zo goed mogelijk moesten vaststellen. Afsluitend moest iedere groep hun denkproces en uiteindelijke EBITDA presenteren. De morgen werd afgesloten met een heerlijke lunch die de mogelijkheid gaf om persoonlijk in contact te komen met de werknemers van BDO. Na de lunch moesten we snel door naar Oaklins Dankzij een chagrijnige buschauffeur die niet 10 seconden op ons wilde wachten kwamen we 5 minuutjes te laat aan bij Oaklins. Gelukkig geen probleem. Wederom werden we met koffie en thee ontvangen bij Oaklins en na een korte presentatie over Oaklins als bedrijf gingen we beginnen aan de 2e case van de dag. Bij deze case moesten wij als deelnemers een aantal werknemers van Oaklins adviseren of zij een bedrijf, in de reisbranche, wel of niet moeten overnemen. Hiervoor kregen wij een uitgebreid informatie memorandum en de mogelijkheid om zowel met de ‘CEO van het bedrijf’ te spreken als met een ‘industrie-expert’. Wij hadden 1,5 uur de tijd om tot ons advies te komen. Na een presentatie waarin iedereen zijn advies pitchte was het tijd voor het avondeten. Oaklins had sushi geregeld en nam ons na het avondeten nog mee naar ‘De Blauwe Engel’, een cafe op de Zuid-as waar we nog met werknemers van een klein borreltje hebben genoten. Dag 2 Op woensdag 9 november ging zoals gebruikelijk weer de wekker om 7 uur en bezochten we ditmaal ING en a.s.r., deze dag stond in het teken van Asset Management. Aangekomen bij het hoofdkantoor van ING op de Bijlmer kregen wij een introductiepresentatie over de toekomst en visie van ING als bank voornamelijk binnen Nederland. ING behandelde de case in de hele groep en deze bestond uit het analyseren van een leenproces dat ING had verstrekt aan een transporteur van verse groenten. We bespraken de case met 2 werknemers die daadwerkelijk aan dit proces hebben deelgenomen en we behandelden het hele leenproces, van initiële aanvraag tot het, helaas, uiteindelijke faillissement. Na de case kregen we ook nog een presentatie van de CIO (Chief Investment Officer) van ING, hij legde ons uit hoe portfolio’s worden geselecteerd en opgebouwd. Na allemaal zeer interessante presentaties, hadden we helaas nog maar weinig tijd voor de lunch die ING geregeld had. Hoewel we snel hebben moeten eten was het wederom erg lekker en binnen de kortste keren waren we onderweg naar a.s.r. in Utrecht “Het evenement is gecreëerd om studenten een brug te geven tussen wat ze in de studentenbanken leren, wat de bedrijven daadwerkelijk met die kennis doen en hoe die wordt toegepast.” Aangekomen bij a.s.r. viel de meeste een ding op, hoe groot het kantoor is! Echt een gigantisch, en werkelijk prachtig kantoor met zeer veel glas waardoor veel natuurlijk licht binnenkwam. Bij de introductie presentatie werd ons de rijke geschiedenis van a.s.r. als verzekeraar getoond. Tevens werd hun recentelijke overname en toekomstvisie van Aegon besproken. Na een korte koffie pauze was het tijd voor de case. We werden opgedeeld in groepjes en waren wij verantwoordelijk om de balans van a.s.r. te balanceren gedurende allerlei tijden van economische onzekerheid. Er werd een nieuwsfeit getoond wat invloed heeft op een asset en/of liability en het was aan ons de taak om onze verzekerings-, aandelen- en vastgoedportfolio op een dusdanige manier te managen dat wij als a.s.r. winst bleven maken. Ik vond het een zeer originele case aangezien het Asset Management combineerde in de setting van een trading game die vaak bij Market Makers wordt gespeeld bij inhouse-dagen. Na de case was het tijd voor de borrel en pizza! Dag 3 De laatste dag was aangebroken en wederom waren we vroeg het bed uit! Donderdag 10 november stond helemaal in het teken van Risk Management, we bezochten in de ochtend RiskQuest en in de middag Deloitte. Aangekomen in de mooie grachten van Amsterdam lag er in een prachtig grachtenpand het kleine kantoor van RiskQuest. Na een introductiepresentatie kregen we een korte rondleiding door het kantoor. Het hoogtepunt was het kantoor van een van de partners. In het plafond van zijn kantoor lagen meerdere prachtige schilderijen uit de tijd van Rembrandt, samen met het prachtige uitzicht over de Amsterdamse grachten en de enorm comfortabele bureaustoelen ben ik verbaasd dat er toch nog gewerkt wordt! Gedurende de case werden we in groepjes opgedeeld en waren wij als werknemers van RiskQuest door een Luxemburgse bank ingehuurd om hun Probability of Default Model te recalibereren.
Working at EY
For the English version, click here. Wie ben je en hoe ben je bij EY terecht gekomen? Ik ben Bas, 22 jaar, oorspronkelijk uit een klein dorpje in Limburg, maar sinds de start van mijn studententijd woon ik in Tilburg. Nadat ik mijn Bachelor in International Business Administration (inclusief exchange naar Melbourne, Australië) voltooid had, ben ik begonnen aan de Master Accountancy, die ik afgelopen zomer heb afgerond. Tijdens mijn Master heb ik mij flink georiënteerd op het leven dat zou volgen na mijn studie en dit bracht mij afgelopen februari tot een scriptiestage bij EY Eindhoven. Waarom heb je ervoor gekozen om het schrijven van je scriptie te combineren met een stage? Toen ik startte met mijn Master voelde ik de druk van het volwassen werkleven langzaam dichterbij komen. Toentertijd had ik twijfels of een toekomst binnen Accountancy echt mijn ambitie was. Mijn vrienden en studiegenoten gaven mij het advies om in contact te komen met bedrijven om zo een stage te vinden. Ik nam deel aan verschillende evenementen van de studievereniging ‘Asset | Accounting & Finance’ en zo kwam ik ook in contact met EY. Een scriptiestage voelde als een veilige keuze om op deze manier een beter beeld te krijgen van hoe het werkleven eruit ziet, maar tegelijkertijd ook nog voldoende tijd te hebben voor mijn studie. Gaf dit je een voordeel ten opzichte van je medestudenten? Mijn stage gaf mij zeker een voordeel ten opzichte van medestudenten zonder een stage. Ik had elke week tijd beschikbaar voor mijn scriptie, aangezien de dagen die ik besteedde aan het schrijven hiervan, meetelden voor mijn scriptiestage. Hierdoor was ik gemotiveerd om ook daadwerkelijk aan mijn scriptie te werken. Bovendien kreeg ik bij EY een ‘buddy’ en ‘mentor’ toegewezen. Mijn buddy hielp mij met dagelijkse werkzaamheden en algemene vragen. Dit was heel toegankelijk, omdat hij niet lang geleden ook een scriptiestage had doorlopen. Mijn mentor daarentegen, was al langer bij EY werkzaam. Daarom kon hij mij goed carrièreperspectief- en advies geven, en mij ook inhoudelijk ondersteunen bij mijn scriptie. Heb je jouw persoonlijke doelen kunnen bereiken tijdens je scriptiestage? Ik merkte al snel dat ik het meeste kon bereiken als ik mezelf proactief opstelde, en duidelijk aangaf wat ik precies uit mijn stage wilde halen. Er werd aangeraden om 2 weken met een team mee te lopen, maar flexibiliteit daarin was mogelijk. In totaal heb ik zelf 5 tot 6 weken meegelopen, omdat mijn hoofdreden van een scriptiestage was om te ervaren hoe het werk in de praktijk eruit zag. Voordat ik startte als stagiair, aarzelde ik of ik mijn werkzaamheden goed zou kunnen uitvoeren, omdat ik nog geen praktische ervaring had binnen Accountancy. Tijdens deze meeloopweken verdwenen deze twijfels snel. Door een warm welkom van het team en goede begeleding, was mijn leercurve snel. Ik besefte dat het heel normaal was dat ik nog niet alles wist, en iedereen stond open om mij te helpen waar nodig. Mede door deze weken, ontdekte ik dat ik de werkzaamheden enorm interessant vond, waardoor ik opeens een stuk zekerder werd over een toekomst in Accountancy. “Naar mijn mening is de beste manier om jezelf te oriënteren via een (scriptie)stage of werkstudentschap.” Waarom heb je ervoor gekozen om bij EY te blijven hangen? Ik was zelfs zo zeker van mijn toekomst in Accountancy, dat ik afgelopen september ben begonnen als Staff Audit bij EY Eindhoven! Net zoals veel studenten, zat ik lang in dubio of ik mijn studententijd wilde verlengen of klaar was voor een baan. Aangezien het werk en de sfeer op kantoor mij zo goed beviel, heb ik toch besloten om de knoop door te hakken en te starten met werken. Tijdens mijn stage werden er regelmatig activiteiten georganiseerd (bijvoorbeeld lunches, borrels en trainingen), waardoor ik steeds meer mensen leerde kennen binnen EY. De switch van student naar werkende was natuurlijk even wennen, maar uiteindelijk ben ik erg blij dat ik deze stap toch heb gezet. Bovendien volg ik momenteel nog de Post-Master Accountancy op vrijdagen, waardoor ik mij toch nog een beetje student voel. Je gaf aan dat je nu bent gestart, hoe zijn de eerste maanden bevallen? Tot nu toe is het werk mij goed bevallen. Tijdens mijn stageperiode waren de corona-maatregelen strenger dan nu, waardoor het lastig was voor teams om samen naar de klant te gaan. Om die reden vind ik het extra leuk dat dit nu wel weer mogelijk is. De afgelopen maanden heb ik veel kunnen zien en kunnen leren. Elke dag leer ik nieuwe dingen en ik ben zeker nog niet klaar met mijn persoonlijke- en professionele ontwikkeling. Bovendien heb ik zowel door mijn stagetijd als de starter-introductie van twee weken in september, een goede band kunnen opbouwen met mijn ‘jaarlaag’ van EY starters, die ik inmiddels ook collegas kan noemen. Ik ben omringd met mensen die ook de stap van stagiair-naar-werkende hebben gemaakt, met soortgelijke ervaringen, en dit is heel fijn. Wat wil je studenten nog meegeven? Ik hoor veel twijfels van studenten: “Ga ik nou Accountancy doen, of toch Finance, of toch helemaal iets anders?” Naar mijn mening is de beste manier om jezelf te oriënteren via een (scriptie)stage of werkstudentschap. Je komt er tijdens deze periode achter welke werkzaamheden erbij horen en hoe het er binnen een sector aan toe gaat. Nog een laatste tip van mij: ga naar (Accountancy) evenementen, spreek mede-studenten aan, of stuur een berichtje naar een campus recruiter. Een (scriptie)stage kan jouw echt helpen om je twijfels weg te halen! Mocht je nog vragen hebben, dan kan je mij altijd een berichtje sturen via LinkedIn.
Hedgen tegen inflatie, is het mogelijk?
For English, click here. De huidige inflatie is niemand ontgaan, en onder studenten heersen er grote zorgen om de hoogte hiervan. De eerste raming van het CBS geeft aan dat de inflatie in Nederland in oktober 16,8% was gebaseerd op voorlopige cijfers. Dit is een lichte daling ten opzichte van de inflatie in september, die 17,1% was. Desalniettemin is dit exorbitant hoog percentage, en gaat vermogen in rook op. Huidige inflatie De gemiddelde student beschikt natuurlijk over een niet zo’n groot vermogen. De prijsverhogingen zullen dus bij een aantal studenten zeer waarschijnlijk leiden tot een hogere schuld bij DUO, en daarbij komend is het rentepercentage sinds een aantal jaar weer gestegen naar 0,46%. Inflatie wordt gestuurd door factoren waar een individueel geen invloed op kan uitoefenen. Toch zijn er mogelijk andere manieren om inflatie tegen te gaan. Een aantal populaire manieren om koopkracht te behouden worden in dit artikel onder de loep genomen. Wellicht zijn er wat manieren om de zorgen af te nemen. Goud Het aanhouden van goud wordt door vele investeerders als een goede hedge tegen inflatie gezien. Zo zei Peter Schiff “goud zal schitteren in een inflatoire omgeving.” Om te kijken of goud inderdaad een goede manier is om waarde te behouden, zullen we kijken naar de resultaten van een paar wetenschappelijke artikelen. Ghosh et al. (2004) onderzocht of goud een effectieve inflatie hedge is. Via een empirische analyse komt er in het artikel naar voren dat over een lange tijd horizon goud inderdaad kan fungeren als een middel om af te dekken tegen inflatie. Echter wordt de nominale prijs van goud gedomineerd door korte termijn invloeden. Over een korte tijd horizon kan het dus heel nadelig uitpakken om in goud te investeren. Een investeerder die bijvoorbeeld in 1982 in januari zou hebben geïnvesteerd in goud, en dit zou hebben vastgehouden tot en met december in 1999 zou 59% in reële waarde hebben verloren. Beckmann en Czudaj (2013) komen in hun onderzoek tot dezelfde conclusie dat goud op de lange termijn gedeeltelijk inflatie kan hedgen. Met name consumentenprijzen zijn op de lange termijn af te dekken met het investeren in goud. Op de korte termijn is het echter niet mogelijk om als investeerder een portefeuille af te schermen tegen inflatie door middel van het investeren in goud. De kenmerken van een economie tijdens een bepaalde periode bepalen voornamelijk hoe goud reageert op inflatie. Het wetenschappelijk onderzoek van Hoang et al. (2016) wijst echter uit dat goud op de lange termijn geen hedge tegen inflatie is. In het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en India vormt goud op de korte termijn wel een hedge tegen inflatie. Het tegenstrijdige resultaat van dit artikel vergeleken met de andere artikels kan worden verklaard door de introductie van niet-lineariteit. In dit artikel wordt bewezen dat de relatie tussen goud en inflatie in een aantal landen niet een lineaire is. Zo is er in meer ontwikkelde landen een non-lineaire relatie zichtbaar, en in ontwikkelingslanden een lineaire relatie zichtbaar. Goud zou wellicht dus beter kunnen worden gebruikt met als doeleinde om een meer gediversifieerd portfolio samen te stellen. Op basis van de uitkomsten van wetenschappelijke artikelen zou ik het afraden om goud te gebruiken als hedge tegen inflatie. De resultaten zijn tegenstrijdig. Bovendien beargumenteren dus sommige artikelen wel dat goud als inflatie hedge kan worden gebruikt op de lange termijn, maar hiervoor is een heel lange tijd horizon nodig. Onroerend Goed Een andere manier die vaak wordt genoemd om inflatie tegen te gaan is het investeren in onroerend goed. Een toegankelijke manier om hierin te investeren is via een Real Estate Investment Trust (REIT). Dit is een bedrijf dat onroerend goed bezit en inkomsten hierop genereert. Door het aankopen van een REIT is het dus mogelijk om indirect in onroerend goed te beleggen. Rubens et al. (1989) hebben onderzocht hoe een aantal portfolio’s die onder andere bestaan uit verschillende onroerend goed types het doen ten opzichte van inflatie. Elke portfolio vormde ten minste een gedeeltelijke hedge tegen inflatie wanneer het ging om verwachte inflatie. Wanneer inflatie onverwacht optrad vormde alle portfolio’s geen hedge tegen inflatie. Het type inflatie bepaalt dus grotendeels of onroerend goed kan worden gebruikt tegen inflatie. De huidige inflatie is hoog, en de verwachting is dat deze ook nog op de korte termijn hoog blijft. Momenteel zou onroerend goed dus een manier kunnen zijn om te hedgen tegen inflatie mits de verwachte inflatie vergelijkbaar is met de uiteindelijk werkelijke inflatie. De portfolio bestaande uit financiële activa en residentieel onroerend goed uit het artikel heeft de hoogste Sharpe ratio. Het zou dus met de huidige verwachte inflatie het meest aantrekkelijk zijn om in een REIT te investeren die zich focust op residentieel onroerend goed. Een ander wetenschappelijk artikel van Park et al. (1989) focust specifiek op het hedgen van inflatie door middel van REITs. Aandelen presteren doorgaans slecht in tijden van hoge inflatie. Alhoewel REITs als onderliggende waarde de inkomsten van onroerend goed hebben, zou het kunnen dat ze net zoals aandelen het toch slecht doen wanneer er hoge inflatie is. Uit het onderzoek komt naar voren dat REITs eigenlijk vergelijkbaar met aandelen presteren, en dus geen goede inflatie hedge zijn. Echter komt er wel naar voren dat wanneer er een onderscheid wordt gemaakt tussen verwachte en onverwachte inflatie, REITs gedeeltelijk als inflatie hedge kunnen worden gebruikt wanneer inflatie wordt verwacht. Dit komt dus gedeeltelijk overeen met de bevindingen van Rubens et al. Inflatie gerelateerde obligaties Een andere manier die doorgaans wordt genoemd om inflatie tegen te gaan, is het investeren in inflatie gerelateerde obligaties. Hierbij zijn de coupons en de hoofdsom gekoppeld aan de huidige inflatie. Hierdoor is de obligatie dus direct beschermd tegen inflatie. Echter beschermt een inflatie gerelateerde obligatie op de korte termijn niet tegen inflatie. De prijs van een inflatie gerelateerde bond gaat omlaag wanneer de opbrengst omhoog gaat, net zoals een gewone obligatie. Wanneer de consumenten prijs index wordt vergeleken met het rendement van inflatie gerelateerde obligaties over periodes van 1 jaar, blijkt dat er weinig