For the English version, click here In 2013 werd Bert Groenewegen uitgeroepen tot CFO van het jaar dankzij zijn aanzienlijke bijdrage aan de beursgang van Ziggo. Voor Groenewegen was het destijds geen onbekend terrein om een bedrijf naar de beurs te leiden. Op het moment bekleedt Groenewegen de functie als CFO bij de Nederlandse Spoorwegen. In dit interview vertelt hij meer over zijn carrière, wat er komt kijken bij een beursgang en de impact van COVID-19 op de bedrijfsvoering van de NS. Kunt u wat vertellen over uw carrière? In 1982 ben ik begonnen met studeren aan de huidige Tilburg University. Het eerste jaar bestond uit het behalen van je propedeuse, in mijn geval in de richting Algemene Economie. De functie van de propedeuse was toentertijd om jezelf te oriënteren. Na het behalen van je propedeuse, ging je je doctoraal volgen, waar nominaal vier jaar voor stond. Mijn doctoraal bestond uit de studie Bedrijfseconomie. Tijdens mijn studie heb ik een jaar stage gelopen bij de ABN AMRO in Amerika (New York en Chicago), wat een leerzame ervaring is geweest. Uiteindelijk ben ik afgestudeerd in de master Bestuurlijke Informatiekunde. Gedurende mijn carrière heb ik achtereenvolgens gewerkt voor Exact Software (verkoop en ontwikkeling), Sokkia Europe (verschillende functies), Exact Software (CFO), General Atlantic Partners (verschillende functies), PCM Uitgevers (CFO/CEO), Ziggo (CFO) en op het moment bekleed ik de functie van CFO bij de Nederlandse Spoorwegen (NS). U heeft zowel Exact Software als Ziggo naar de beurs gebracht. Wat komt er allemaal om de hoek kijken bij een beursgang? Bij de voorbereiding moet je ervoor zorgen dat het bedrijf er klaar voor is. Dit houdt in dat de gehele administratieve organisatie, processen en IT-omgeving, die ertoe leiden dat je tijdig en betrouwbaar kunt rapporteren, 100% moeten kloppen. Daarnaast is het van belang dat elke afdeling intern eraan gewend is om te plannen, prognoses te maken en te rapporteren. Hierbij moeten de cijfers zowel kwantitatief als kwalitatief op orde zijn. Als de beursgang dichterbij komt, is het van belang dat er een duidelijk plan klaar ligt. Dit plan moet je met het gehele team uitvoeren en realiseren. Ik ben van mening dat je binnen een bedrijf een discipline teweeg moet brengen om ervoor te zorgen dat wat je belooft ook gerealiseerd wordt. Het is daarom verplicht om als beursgenoteerd bedrijf een Raad van Commissarissen te hebben, die toezicht houdt op het bestuur van de onderneming in het belang van de diverse stakeholders. Als laatste moet je ervoor zorgen dat de verdeling van alle verantwoordelijkheden voor iedereen helder is, want in mijn ogen is een goede voorbereiding essentieel. Daarom zorg ik, samen met mijn team, ervoor dat één jaar voor de beursgang alle voorbereidingen zijn afgerond en wij kunnen wennen aan de veranderde omgeving. Een jaartje ‘droogzwemmen’. Tot slot doe je een beursgang nooit in je eentje, maar als één team. Kunt u uw takenpakket als CFO van de NS omschrijven? Allereerst is mijn portefeuille groter dan alleen de taak als CFO. Zo draag ik ook de verantwoordelijkheid voor de buitenlandse activiteiten (Engeland en Duitsland), IT, nieuw materieel en nog meer zaken. Kortom, ik heb een vrij brede portefeuille. Bij de NS is sprake van een collegiaal bestuursmodel, wat betekent dat je gezamenlijk verantwoordelijk bent. Bij zo’n bestuursmodel moet je veel zaken onderling goed afstemmen, om zo de gezamenlijke verantwoordelijkheid ook waar te kunnen maken. Verder is de NS een deelneming van de Nederlandse staat, en bekleedt daarmee een belangrijke functie in ons land met een breed stakeholderveld. Een greep uit deze stakeholders zijn: de politiek, het parlement, de opdrachtgever (Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat), gemeenten, provincies, de media en uiteraard vooral de reiziger. “Om deze achteruitgang in cijfers uit te drukken: in maart na de persconferentie van Rutte is het aantal reizigers van 100% teruggevallen naar 10%.” Wat is de kortetermijnvisie van de NS in verband met COVID-19? Vóór de uitbraak van COVID-19 was de kortetermijnvisie om de groei die wij voorzagen te faciliteren. Door de hectiek van afgelopen maanden voorzien wij de komende jaren een trendbreuk. Door het advies van de regering om alleen te reizen als het van noodzakelijk belang is, is er een enorme achteruitgang in het aantal reizigers. Om deze achteruitgang in cijfers uit te drukken: in maart na de persconferentie van Rutte is het aantal reizigers van 100% teruggevallen naar 10%. Op dit moment trekt het aantal reizigers weer aan. Naast COVID-19 zijn er nog andere bijbehorende oorzaken die zorgen voor minder reizigers, namelijk het krimpen van de economie, het “nieuwe” thuiswerken en alternatief vervoer zoals e-bikes. Komende jaren zullen we dus rekening moeten houden met minder reizigers en zal er bezuinigd moeten worden, namelijk 1,4 miljard euro. Er zullen bovendien 2.300 banen op de schop gaan. Deze aanpassing willen wij voornamelijk faciliteren met een natuurlijk verloop. Zo hebben wij veel oudere werknemers die de komende jaren met pensioen zullen gaan. Daarnaast zal de organisatie anders worden ingericht, met als doel om te zorgen dat het treinkaartje betaalbaar blijft, zodat reizigers niet de dupe worden van de lagere reizigersprognose. Wat is de langetermijnvisie van de NS? Wat betreft de lange termijn blijft de visie van de NS wel overeind staan, wat betekent dat het vervoer van de reiziger zo barrièreloos mogelijk gemaakt zal worden. Dit houdt in dat er geïnvesteerd moet worden in informatievoorziening, zodat de reiziger geen hinder zal ondervinden aan trajecten die niet op elkaar aansluiten of trajecten die uitvallen. Het beschikbaar stellen van aansluitend vervoer vanaf station naar bestemming of huis is daar onderdeel van. Er moet dus een duidelijk platform zijn waarbij er samengewerkt wordt met andere vervoerders, zodat het voor de reiziger altijd overzichtelijk blijft hoe de reis voortgezet kan worden. Om dit te realiseren biedt de NS al treinen en fietsen aan, maar daarnaast kijken wij naar andere mogelijke vervoersmiddelen om de gehele reis zo comfortabel mogelijk te maken. Kent de NS concurrentie? De NS verzorgt het treinvervoer voor 80-85% van Nederland. Als je kijkt naar Limburg, Overijssel en Groningen zie je ook
COVID-19: De impact op verschillende sectoren
For the English version, click here Eind maart bood de redactie van Faces Online een reconstructie van de gebeurtenissen rond het corona virus. De lockdown maatregelen worden langzaamaan versoepeld, maar de gevolgen van de corona crisis zullen nog lang voelbaar zijn in de samenleving. Het CPB en de DNB voorspelde begin juni dat een diepe recessie onontkoombaar is. Zo zal de economie dit jaar krimpen met naar verwachting 6,4 procent, dubbel zoveel als de kredietcrisis in 2009 en een historisch dieptepunt. Dat de huidige 1.5 meter samenleving de horeca aantast is een uitgemaakte zaak, maar hoe zit dit met andere bedrijfssectoren? In dit artikel analyseren we onder andere de Accountancy en Financiële sectoren, maar reflecteren we ook op de status bij (grote) Nederlandse ondernemingen. “Een belangrijk verschil met de vorige grote crisis is dat de oorzaak nu buiten de financiële sector ligt en de buffers bij banken aanzienlijk hoger zijn dan toen.” De Financiële sector (banken en pensioenfondsen) Het bankwezen staat in deze crisis centraal als hulpverlener voor elke sector. Met overbruggingskredieten en uitstel van aflossing en rente probeert het bedrijven en consumenten door de corona crisis te helpen. Een belangrijk verschil met de vorige grote crisis is dat de oorzaak nu buiten de financiële sector ligt en de buffers bij banken aanzienlijk hoger zijn dan toen. Dit neemt niet weg dat banken voorzichtiger worden met het uitgeven van kredieten en de acceptatiecriteria zijn in het tweede kwartaal dan ook aangescherpt. Deze aanscherpingen moeten de bancaire instanties beschermen tegen oninbare leningen, die ten koste gaan van de winstgevendheid, die al onder druk stond door de lage rentestand. De Nederlandsche Bank verwacht dat de bankensector in het milde scenario zelf niet in de problemen raakt. Alleen in het zware scenario, zullen banken geraakt worden door een scherpe recessie, maar kunnen ze nog steeds hun rol als financiële intermediairs blijven vervullen. Ook de pensioenfondsen worden hard geraakt door de corona crisis. Koersdaling van hun beleggingen zorgde ervoor dat de al kwetsbare vermogenspositie van pensioenfondsen de afgelopen maanden verder verslechterde. De beleidsdekkingsgraad, de graadmeter voor de actuele financiële positie van pensioenfondsen gebaseerd op de gemiddelde dekkingsgraad van de afgelopen twaalf maanden, daalde naar 98 procent. Dit betekent dat het onder het tijdelijke wettelijk vereiste minimum ligt van 100 procent. Pensioenfondsen hebben dus niet voldoende vermogen om de verplichte uitkeringen na te komen die ze met deelnemers zijn aangegaan. Dit kan opgevangen worden door ofwel de premies te verhogen, ofwel de pensioenuitkeringen te verlagen. Gelukkig lijkt het niet zo ver te komen, aangezien er een nieuw pensioenakkoord nadert. In dit pensioenakkoord zullen de dekkingsgraad en rekenrente verdwijnen. Er worden dus geen beloften meer gemaakt voor toekomstige uitkeringen, waardoor er geen tekorten meer kunnen ontstaan. Grote Nederlandse ondernemingen Het coronavirus heeft ook grote impact op multinationals van Nederlandse bodem. Een voorbeeld hiervan is oliegigant Shell. De combinatie van kelderende olieprijzen en de afname in brandstofverbruik door het coronavirus, leidde tot een omzetdaling van maar liefst 28% in het eerste kwartaal. In datzelfde kwartaal halveerde de winst van Shell, wat het bedrijf noodzaakte om de dividend uitgave te verlagen, voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog(!). De daling van de dividend uitgave is een slecht teken voor Shell, aangezien de liquiditeit nog redelijk goed lag. Het weerspiegelt dus een tamelijk negatief beeld vanuit Shell voor de toekomst van het bedrijf. Een multinational van eigen bodem waar de corona crisis een positief aspect leek te hebben was Unilever. Unilever bevat namelijk het ideale product portfolio, met de verkoop van voedingsmiddelen, persoonlijke verzorging en schoonmaakartikelen. Door het massale hamsteren in de eerste weken van de crisis, zou je verwachten dat het was- en levensmiddelenconcern een goede slag zou hebben geslagen. Dit bleek echter niet het geval te zijn, want de omzet van Q1 lag ongeveer gelijk aan de omzet in het voorgaande jaar, bleek uit de tussentijdse omzetcijfers. De achterliggende reden is het feit dat Unilever een omzetdaling zag plaatsvinden doordat de verkopen aan horecaleveranciers stagneerde, terwijl het concern hier een hogere marge aan over houdt. Een laatste grootheid onder de Nederlandse ondernemingen die behandeld wordt is chipmachinefabrikant ASML. Het coronavirus had een flinke impact op de financiële cijfers die het bedrijf kenbaar maakte. De omzet in Q1 daalde met zo’n 1.6 miljard ten opzichte van het laatste kwartaal van 2019. Dit werd met name veroorzaakt doordat leveringen van chipmachines uitgesteld werden. Ook speelde de angst dat transporten later niet meer mogelijk zouden zijn hierbij een rol voor de klanten. De Accountancy sector De Accountancy sector lijkt één van de sectoren die redelijk opgewassen is tegen de impact van COVID-19. Toch hebben enkele van de grootste accountantskantoren zich voorbereid op het inhouden van partner-uitbetalingen om te proberen de financiële gevolgen van de pandemie te beperken. Het is slechts één maatregel die is voorgenomen onder de ‘Big Four’ accountantskantoren – KPMG, Deloitte, PwC en EY – en middelgrote kantoren BDO en Mazars, om contant geld in te houden als de honoraria van cliënten wegvallen. Verder kijken Top Accountantskantoren naar de mogelijkheden rond een tijdelijk uitstel van de regels en wetgeving. Hieronder valt de verplichte roulatie van accountantskantoren, het tellen van fysieke voorraden en het indienen van rekeningen, met het argument dat de uitbraak van het coronavirus ‘ongekende uitdagingen’ heeft gecreëerd. Wel lijkt het dat de meeste kantoren gezonder zijn wat betreft liquiditeit in vergelijking met voorgaande jaren en decennia, met name door enkele grote desinvesteringen en contant geld besparingen. Tot slot lijkt deze sector eerder op lange termijn beïnvloed te gaan worden door de grote pandemische ontwikkelingen sinds het begin van 2020, waardoor de effecten voorlopig nog maar sporadisch zichtbaar zijn. “Hierbij wordt het verlies van klanten en orders, cashflow tekorten en ICT-problemen het vaakst genoemd.” Nederlandse MKB-bedrijven Sinds de COVID-19 uitbraak is het Middel-Klein Bedrijf (MKB) breed uitgemeten in het nieuws geweest, gezien de relatief grote impact die wordt ervaren. Zo heeft MKB-Nederland een wereldwijde enquête over impact Corona onder Nederlandse bedrijven gehouden, waaruit blijkt dat tweederde van de ondervraagde bedrijven rekening houdt met een (zeer) grote impact