For the English version, click here! Afgelopen maand gingen wij in gesprek met Jordi Kerckhaert, oud voorzitter van Asset-SBIT en inmiddels twee jaar werkzaam bij KPMG als IT consultant, en Wout van Kessel, 14 jaar werkzaam bij KPMG en inmiddels partner en tevens ook betrokken bij de IT audit opleiding van TIAS en Post-Master Accountancy aan Tilburg University. In dit interview vertellen Jordi en Wout kort meer over de werkzaamheden van een IT auditor, hoe IT auditing door de jaren heen is ontwikkeld en hoe nieuwe innovaties veranderingen binnenin het vakgebied teweeg kunnen brengen. Hoe ziet een gemiddelde werkweek er over het algemeen uit? Jordi: dat is wel een lastige vraag om te beantwoorden. Het voordeel en het leuke eraan om bij KPMG te werken is dat je meerdere klanten hebt. Om een werkweek te beschrijven is moeilijk te beantwoorden, omdat het er heel erg aan ligt aan met welke verschillende klanten je bezig bent. We hebben een relatief druk seizoen van ongeveer september tot ongeveer februari. Als ik naar mijzelf kijk heb ik ongeveer twee tot drie grote klanten gedaan, dan zit je te denken aan meer dan 250 tot 300 uur. Daarnaast heb ik ook nog een aantal kleinere klanten. Dus het is heel afhankelijk met welke klanten je werkt. Met grotere klanten werk je in een aantal waves, hierin heb je een stuk voorbereiding zoals planning en het bepalen van de scope. Vaak plannen we een aantal interviews met de klant in, en vragen we op voorhand bewijslast op die we vervolgens tijdens de interviews met de klant doornemen. Afhankelijk van wat daar uitkomt kunnen er wat extra interviews worden gepland. Gedurende de hele rit zorg je ook dat je project management op orde blijft en dat de communicatie goed blijft. Tijdens een IT audit is het daarbij ook belangrijk dat wij goed communiceren met onze audit collega’s. Gedurende dat traject zorg je verder ook dat alles netjes wordt gedocumenteerd. Als ik een interview week heb ben ik veel met dezelfde klant bezig, op een intensief niveau met veel interactie, maar dat heb je niet elke week. Als ik dan kort even terugspoel heb ik bijvoorbeeld op maandag thuisgewerkt voor een klant. Dinsdag ben ik een hele dag naar Rotterdam geweest naar een klant waar ik een adviesklus uitvoer. Op zo’n dag zit je dan veel in meetings met verschillende stakeholders en werk je tussendoor wat zaken uit. Op de woensdag zit ik dan weer op kantoor in Eindhoven waar ik een focusblok had ingepland voor mezelf voor een kleinere opdracht. Daarnaast had ik ook een feedbackgesprek gepland met een collega, waar je elkaar dus feedback geeft over hoe we het afgelopen jaar hebben gepresteerd, en of er eventueel tips en tops zijn. Donderdag hadden we nog een kick-off van een nieuwe klant in de ochtend, en op vrijdag zit ik dan nog op TIAS waar ik de post-master IT-auditing volg. Kunnen jullie uitleggen wat IT audit in de breedte inhoudt? Jordi: ‘Traditionele’ accountants doen een controle over de jaarrekening. Vroeger gingen de controles vanuit papier en archiefmappen. Met de jaren heen hebben deze controles steeds meer te maken met verschillende applicaties en systemen die impact hebben op de financiële jaarrekening. Dat heeft ervoor gezorgd dat ons vak uiteindelijk is ontstaan. Als het ware moeten wij ervoor zorgen dat onze accountant collega’s kunnen steunen op de systemen waar zij de financiële data uit halen voor hun controles. Wout: Wij geven dus zekerheid over de effectieve en betrouwbare werking van IT systemen en processen. Daarnaast kunnen wij klanten ook advies bieden met betrekking tot IT systemen en alles wat daar om heen zit. “Aan het harde IT betalingsverkeer is niet veel anders, alleen de schil eromheen is substantieel veranderd.” Hoe verschilt een audit in het heden hoofdzakelijk het meest met een audit van 10 jaar geleden? Wout: Hierbij moet wel een kleine kanttekening worden gemaakt, het antwoord verschilt namelijk per segment. Als je bijvoorbeeld kijkt naar de financiële sector is het harde IT betalingsverkeer niet substantieel veranderd, dat draait namelijk nog op mainframes of oudere IT omgevingen. Echter is de schil eromheen substantieel veranderd; als je bijvoorbeeld kijkt naar grotere organisaties als multinationals zie je dat zij hun IT infrastructuur zijn gaan centraliseren. Zo’n ontwikkeling van een organisatie kan je als auditor volgen. Dit betekent dat je niet een centrale audit kan uitvoeren wanneer een klant slechts op lokaal niveau is georganiseerd. Echter door deze ontwikkeling zijn de audits gaan transformeren. Door centralisatie en beschikbaarheid van IT middelen zijn we veel meer digitaal gaan auditen. 10 jaar geleden, wellicht beetje vertekend omdat we in Eindhoven toen al heel ver waren met data analyse, konden we dus bij bijvoorbeeld Philips en DSM centraal de procesgang toetsen. Zo hadden we inzage op het wereldwijde inkoopproces; de order was digitaal, de goederenontvangst is digitaal, de facturen ook. Hierdoor kon je dus het gehele proces integraal toetsen. Dat betekent dus dat je door middel van data analyse redelijke mate van zekerheid kan geven over enerzijds de procesgang, maar we kunnen anderzijds ook de afwijkingen identificeren. Zo kunnen we dus bijvoorbeeld een component auditor in de Filipijnen er van op de hoogte stellen dat 300 facturen niet conform het standaard proces zijn verwerkt. Dus met de opkomst van data analyse, process mining, en feitelijk nieuwe audit technieken kun je op grote populaties een veel hogere maat van zekerheid geven. 100% zal nooit lukken, dat durft geen enkele accountant af te tekenen. Echter kom je op deze manier wel heel dicht tot dat punt. Verwacht je dat deze ontwikkeling en transformatie van het vakgebied alleen maar zal versnellen als we rekening houden met nieuwe innovaties als bijvoorbeeld Artificial Intelligence en Deep Learning? Wout: Dat kan zeker een rol spelen, al moet ik wel zeggen dat veel klanten daar in hun financiële administratie niet mee bezig zijn. Als je ziet hoe RPA wordt ingezet, wordt dat vaak gedaan met betrekking tot inkoopfacturen. Feitelijk is dat niks anders dan een application control op een geautomatiseerd
Accountancy in Vogelvlucht
For the English version, click here! Afgelopen jaar werd het 125-jarig bestaan van het accountantsberoep gevierd, met als thema ‘Springlevend’. Het thema indiceert dat het beroep belangrijker en levendiger is dan ooit. Continuïteit, sustainability, continuous auditing, fraude en work-life balance; het zijn thema’s die menig accountant bezig houdt deze dagen. De oprichters van het Nederlands Instituut van Accountants ( NIvA) in 1895 hadden van dergelijke ontwikkelingen hoogstwaarschijnlijk nooit durven dromen. Hoe heeft het beroep van de accountant zich ontwikkeld in de afgelopen 126 jaar en waar staat het beroep nu? In dit artikel werpen we in vogelvlucht een blik op het beroep van de accountant en bespreken we een aantal belangrijke trends in de sector. De Pincoffs-affaire in 1879 was de directe aanleiding voor een snelle ontwikkeling van het accountantsberoep. Het betrof een grootschalig boekhoudschandaal in 1879 van N.V. Afrikaanse Handelsvereniging, waarbij naar schatting 12 miljoen gulden werd verduisterd. Als gevolg van deze grootschalige fraudezaak groeide de roep om onafhankelijk toezicht op bedrijven; het vertrouwen was immers geschaad. Zo werd in 1883 het Bureel van Boekhouding ‘Confidentia’ (inmiddels bekend als Ernst & Young) opgericht door Barend Moret. Confidentia gaf een ruim takenpakket aan de toenmalige boekhouders, maar de controlerende functie bleef beperkt. Enkele jaren later werd in 1895 de NIvA opgericht; de eerste beroepsorganisatie der accountants.[1] Na de oprichting van de NIva neemt het aantal accountants en accountantsorganisaties toe. Echter, het zou nog 67 jaar duren totdat de titel van de registeraccountant (RA) wettelijk werd beschermd. Op 28 juni 1962 werd het accountantsberoep definitief wettelijk vastgelegd in de Wet RA; een mijlpaal voor het beroep kunnen we zeggen. RA’s die ingeschreven stonden, verkregen de bevoegdheid tot het afleggen van een ‘verklaring van getrouwheid.’ Met de invoeren van deze wet gingen de diverse beroepsorganisaties, die in de tussentijd waren gevormd, alsnog samen tot de NIVRA. Een interessant feit is hierbij dat bij de invoering van de Wet RA, enkel twee leden van de beroepsorganisatie bevoegd waren tot het uitvoeren van wettelijke controles. Enkele jaren later volgde tevens de Wet AA, de wet die wij tegenwoordig kennen als de wet die de titel accountant-administratieconsulent beschermt. [2] Een sprong naar een volgende mijlpaal in het beroep van de accountant brengt ons naar het jaar 2006; het jaar waarin de ‘Wet toezicht accountantsorganisaties’ (Wta) in werking trad. In basis zorgde deze wet ervoor dat het toezicht op accountants werd verschoven van het individu naar het accountantskantoor. “Met de komst van de nieuwste en meest geavanceerde technologieën zoals robotic accounting en artificial intelligence wordt door menig mens geloofd dat de taken van de accountant overgenomen kunnen worden door computers en robots.” Nu, vele jaren later, lijkt het erop dat het beroep van de accountant zich heeft ontwikkeld naar beroep met een belangrijke maatschappelijke rol. Deze maatschappelijke rol in een complexe en fluïde wereld maakt het beroep divers en onderhevig aan continue verandering. Daarentegen doet zich de laatste jaren ook de (wellicht enigszins uitgekauwde) discussie op in hoeverre het beroep van de accountant gaat ‘verdwijnen’. Met de komst van de nieuwste en meest geavanceerde technologieën zoals robotic accounting en artificial intelligence wordt door menig mens geloofd dat de taken van de accountant overgenomen kunnen worden door computers en robots. Zo bleek uit een onderzoek in 2018 van World Economic Forum dat accountants en auditors tot de beroepsgroepen horen waarvan banen zouden gaan verdwijnen door automatisering [3]. Een geheel ander, wellicht realistischer, perspectief is dat automatisering diverse mogelijkheden biedt om de kwaliteit van een audit te verbeteren. Zo kunnen repeterende taken worden geautomatiseerd en kunnen technieken als data mining, machine learning en sentiment analyses worden ingezet om een grotere set gegevens en documenten te analyseren [4]. Kortom, technologie zal hoogstwaarschijnlijk meer de rol van een complement aannemen dan een substituut. En dan is daar nog de opkomende rol van sustainability reporting. We kunnen er niet meer omheen dat we naar een duurzamere manier van leven moeten en dat bedrijven hier een cruciale rol in vervullen. Derhalve dienen bedrijven betrouwbare en vergelijkbare informatie rapporteren over hun verbeteringen omtrent duurzame bedrijfsvoering. De richtlijnen rondom het rapporteren van niet-financiële informatie is in continue ontwikkeling. Zo werd op 21 april een nieuwe richtlijn genaamd CSRD (Corporate Sustainability Reporting Directive) goedgekeurd waardoor vanaf 2023 alle grote ondernemingen in de Europese Unie verplicht zijn te rapporteren over hun voortgang omtrent duurzaamheid. Dat de accountant een cruciale rol speelt in het bieden van assurance op deze duurzaamheidsrapportages bleek enkele maanden geleden toen EY, controlerend accountant van Shell, voor het eerst de energietransitie en de financiële impact van klimaatrisico als ‘key audit-matter’ benoemde. Deze statement maakte duidelijk dat niet alleen financiële informatie als belangrijk wordt geacht, maar dat ook niet-financiële een essentiële rol moet innemen in het verschaffen van een controleverklaring. Geïnteresseerd in het onderwerp sustainability reporting en de rol van de accountant hierin? Klik dan hier. Ook het menselijke aspect lijkt een steeds meer aandacht te krijgen in de accountancy beroepsgroep. Zo heeft in een tijdperk waarin generatie Y en X de arbeidsmarkt betreden, een veelbesproken thema zijn intrede gedaan: work-life balance. De stereotype “saaie” mannelijke accountant die 80 uur in de week werkt en om 5 uur s’ochtends de Zuidas gedag zegt, lijkt weinig enthousiasme meer te wekken bij de huidige en nieuwe generatie accountants. Dit is in lijn met onderzoek waaruit blijkt dat een gezonde work-life balance gepaard gaat met werktevredenheid, performance en ethische besluitvorming [5]. Uit hetzelfde onderzoek bleek dat vrouwen een groter belang hechten aan work-life balance dan mannen. Een mooi gevolg van de toenemende aandacht voor work-life balance en diversiteit is dan ook het toenemende aantal vrouwelijke accountants in de beroepsgroep. Wanneer er voldoende aandacht is voor persoonlijke ontwikkeling, ruimte en flexibiliteit blijkt het wel degelijk mogelijk te zijn om het werken in de accountancy te combineren met het onderhouden van een gezin. Zo zijn accountantskantoren intensief bezig met het implementeren van een diversiteitsbeleid, zowel op het gebied van gender als etniciteit. Immers, verschillende genders en etniciteiten hebben verschillende perspectieven en karakteristieken, welke elkaar kunnen complementeren
FinTech: dé Finance trend van 2020
For the English version, click here De afgelopen jaren is het gebruik van FinTech in de financiële sector alsmaar toegenomen. Recent is er een artikel gepost over de implementaties van FinTech binnen Adyen. Maar wat houdt FinTech in en hoe heeft deze trend zich ontwikkeld? Wat is FinTech? FinTech is ontstaan uit de twee begrippen ‘financial’ en ‘technology’. FinTech is een vrij breed begrip, het omvat alle innovatieve financiële producten of diensten die een bijdrage leveren aan het automatiseren en verbeteren van de huidige financiële markt. Hoewel FinTech bedrijven zich in het begin vooral focusten op het verbeteren van interne processen van financiële instituties, zien we afgelopen jaren een verschuiving naar de consumentenmarkt. Steeds meer FinTech bedrijven richten zich op de financiële transacties, investeringsdiensten en kredietaanvragen van consumenten. FinTech maakt het mogelijk om gebruik te maken van deze financiële diensten zonder directe assistentie van een persoon: de algoritmes in de applicatie zullen uiteindelijk de doorslag geven. Het uiteindelijke doel van FinTech is om de kosten te drukken, processen te optimaliseren en de markt te verbreden. Historie & marktgroei Sinds 1993, toen Citicorp een nieuw project genaamd ‘Financial Services Technology Consortium’ initieerde, is de FinTech markt steeds verder gegroeid. Vier jaar later, werd de eerste mobiele betaling gedaan via een tekstbericht. Na 1998, het jaar van de oprichting van PayPal, nam de groei van FinTech in sneltreinvaart toe. Mede dankzij de introductie van Apple Pay in 2014 nam de vraag naar FinTech gerelateerde diensten vanuit de consument verder toe. Dit heeft ervoor gezorgd dat FinTech niet meer is weg te denken uit het hedendaagse wereldwijde financiële systeem. “De FinTech markt heeft na de uitbraak van COVID-19 een enorme groei doorgemaakt.” Momenteel zijn de 3 grootste spelers op de FinTech markt PayPal (240 mld US$), Ant Financial (150 mld US$) en Adyen (43 mld US$). De FinTech markt had in 2019 een waarde van ongeveer 1200 miljard US$ [1]. Dit totaal is ongeveer 4% van de totale waarde van de financiële industrie wereldwijd. Het grootste gedeelte van de FinTech markt bestaat uit bedrijven die zich focussen op digitale betalingen (1080 mld US$). De rest van de markt bestaat uit bedrijven die zich bezighouden met Artificial Intelligence of Blockchain (120 mld US$). De FinTech markt heeft na de uitbraak van COVID-19 een enorme groei doorgemaakt. De toegenomen vraag naar online winkelen heeft ervoor gezorgd dat de transactievolumes zijn gestegen [2]. Deze stijging is ook terug te zien in de aandelenprijs van PayPal en Adyen, met een stijging van +76%, respectievelijk +89% sinds 1 maart 2020. Bovendien heeft Ant Financial aangekondigd om dit jaar nog naar de beurs te gaan, met de potentie om de grootste IPO van 2020 te realiseren [3]. Trends binnen de FinTech markt De huidige FinTech markt bestaat grotendeels uit start-ups. Wereldwijd zijn er op het moment van schrijven ongeveer 12.000 start-ups op het gebied van FinTech. Hiervan zijn er 380 bedrijven met een waarde boven de 1 miljard US$, een zogeheten ‘eenhoorn’ start-up. Een groot deel van deze start-ups heeft de afgelopen jaren gebruik gemaakt van Venture Capital (VC) financiering. Een VC onderneming neemt hierbij een eigendomsbelang in van een start-up, waarbij een grote groei van de start-up nodig is om de investering terug te verdienen. In 2019 bedroeg het totale VC bedrag 273 miljard US$, een enorm bedrag. Deze cijfers laten zien dat er veel groei wordt verwacht in de FinTech markt door VC bedrijven. De groeiende FinTech markt heeft een grote invloed op de hedendaagse banken. We zien daarom een grote groei in het aantal samenwerkingen en overnames tussen banken en FinTech bedrijven. Ook zien we een verschuiving naar het soort investeringen die banken doen. Banken focussen zich momenteel op investeringen in grotere FinTechs, op kleinere schaal. Terwijl we in de beginfase van de FinTech markt enorm veel investeringen zagen in kleinere FinTech start-ups. Veel van deze kleine investeringen bleken achteraf geen waarde toe te voegen [4]. Banken zijn dus op zoek naar samenwerkingen met FinTech bedrijven die de huidige dienstverlening met een grote kans van slagen kunnen optimaliseren, waarmee ze uitkomen op FinTech bedrijven die al verder ontwikkeld zijn. Naast de banken hebben Big Tech bedrijven als Apple, Google en Facebook ook invloed op de huidige FinTech markt. Big Tech firms richten zich voornamelijk op de groei van hun eigen betalingsplatform. Op dit moment is het marktaandeel van Apple Pay, Google Pay, en Samsung Pay 56% van de totale mobiele betalingen markt [5]. De komende jaren wordt verwacht dat de markt voor mobiele betalingen meegroeit met de algehele FinTech markt. Door de gebruiksvriendelijkheid en snelheid van mobiele betalingen zal de acceptatie van de huidige generatie alsmaar toenemen. Ook Artificial Intelligence (AI) speelt op dit moment een belangrijke rol in de FinTech markt. Je moet hierbij denken aan simpele automatisatie tot aan complexe machine learning. Het wordt in de financiële sector vaak gebruikt om simpele taken uit te voeren die normaal door een werknemer zouden moeten worden gedaan. AI heeft de potentie om de kosten te drukken en arbeidsproductiviteit van het bedrijf te verhogen. Op dit moment is Robotische Process Automatisering (RPA) een ontwikkeling die grote impact heeft op financiële instellingen. Je moet hierbij denken aan het proces waarbij nieuwe klanten worden aangemeld. Ook het verifiëren, de risicoanalyse en de beveiligingschecks van nieuwe klanten kunnen door een RPA systeem worden uitgevoerd. Een RPA systeem houdt zich automatisch aan de wetgeving die van kracht is. RPA systemen kunnen zorgen voor hogere efficiëntie en effectiviteit binnen de organisatie [6]. Naast eerder genoemde services maken financiële instellingen steeds meer gebruik van Blockchain technologie. Financiële instellingen gebruiken Blockchain voor smart contracts, digitale betalingen, identiteitsmanagement en aandelenhandel. Je kunt de technologie het beste omschrijven als een keten van ‘blokken’ die data bevatten. De data van eerdere ‘blokken’ blijft onveranderd waardoor handelingen beveiligd en transparant zijn voor de gebruiker. Volgens PwC heeft in 2020 77% van de financiële organisaties blockchain geïntegreerd. Daarnaast gebruikt volgens PwC in datzelfde jaar 90% van de betalingsbedrijven Blockchain om betalingen te beveiligen [7]. De Blockchain markt heeft
Investment Night 2019: Some A.I.s stalk civilians, others are making billions
Kunstmatige intelligentie ontwikkelt zich in rap tempo en veel van onze taken worden overgenomen door computers. Gedreven door een hoeveelheid data om bang van te worden, lijken ze vaak zelfs beter in staat om beslissingen te nemen dan wij mensen zelf. Vrijwel in elk werkgebied worden digitale technologieën toegepast, zo ook in de financiële wereld. Experts van Microsoft, UBS, Achmea en Rabobank vertelden tijdens Investment Night 2019 hoe artificial intelligence deze sector beïnvloedt. Voor niets gaat de zon op. Hoewel investeerders vaak trots vertellen over hun Alpha, betekent een hoger potentieel rendement doorgaans een hoger risico. De verwachtingen van Artificial Intelligence zijn hoog daarentegen. Zorgt deze evolutie dan toch voor de resultaten waar financiële instellingen van dromen? Laten we om mee te beginnen eens kijken wat kunstmatige intelligentie eigenlijk is. Volgens Dick van der Sluijs (Microsoft) verstaan we hieronder alles wat we nog niet kunnen. De definitie verandert continu en dit zou dus betekenen dat we A.I. nooit in praktijk zullen zien. Wel wordt er in de wetenschap onderscheid gemaakt tussen 3 fases, waarvan we ons nu slechts in de eerste bevinden. Over een bewustzijn van computers kunnen we nog niet spreken. Arnfried Ossen (UBS) gaf aan dat de eerste fase van machine learning al ruime tijd toegepast wordt in de investeringswereld. Op dit moment is het met name de mogelijkheid om enorme hoeveelheden data te verwerken die grote voordelen biedt. Investeren draait om het vinden van relaties. Kunstmatige intelligentie stelt ons ertoe in staat om veel complexere verbanden te vinden dan wijzelf kunnen met de basis van statistiek. Ook alternatieve data is hierbij erg belangrijk. “Investeerders zullen het niet graag toegeven, maar kunstmatige intelligentie wordt (of is) beter in investeren dan zij.” Echter, voorlopig is de samenwerking tussen mens en machine nog de succesformule. Dat blijkt ook uit de ervaring van Ralph Sandelowsky (Achmea). Er bestaan oneindig veel correlaties die volgens de statistieken een rendement kunnen voorspellen, maar logischerwijs op geen enkele manier met elkaar verbonden zijn. Natuurlijk valt er niet uit te sluiten dat er echt geen links zijn, maar het is als institutionele investeerder lastig aan klanten te verkopen dat je computer een belegging heeft gedaan die je zelf niet uit kunt leggen. Hoewel er op niet al te lange termijn wel computers zullen worden ingezet die volledig eigen investeringsstrategieën toe passen, is de technologie niet overal in financiële instellingen even goed vertegenwoordigd. Dennis Tak en Niels Haars (Rabobank) lieten zien dat de handel in obligaties nog vrijwel volledig analoog gebeurt. Dit maakt deze markt vrij inefficiënt en om die reden relatief onpopulair, ondanks de enorme omvang van het belegde kapitaal. Computers zouden ook hier een groot verschil kunnen maken in het verbeteren van de liquiditeit van obligaties. Computers doen op dit moment nog vooral wat wij ze programmeren om te doen, maar het zal niet lang duren voor computers zichzelf leren hoe ze kunnen leren. Investeerders zullen het niet graag toegeven, maar kunstmatige intelligentie wordt (of is) beter in investeren dan zij. Hoewel veel werk in de financiële wereld zal worden overgenomen, blijft de rol van technologie vooralsnog beperkt tot het adviseren van de mens. Het zal nog even duren voor het duidelijk is hoe groot de risico’s zijn, maar een ding is zeker: computers will make billions. Ik wil de bovengenoemde sprekers en dagvoorzitter Tom Jessen bedanken voor hun bedrage aan het symposium. Daarnaast wil ik mijn complimenten uiten voor het harde werk van de commissie, bestaande uit Twan Tacken, Emil de Veer, Yorg Bosmans en Koen Bouwmans.